juli 2016

dinsdag 14 februari 2012

Dalende olieproductie

De benzineprijs stijgt regelmatig tot recordhoogte door bijvoorbeeld spanningen bij Iran en Syrië, hogere accijns, een dalende koers van de euro tov de dollar en de groeiende vraag naar brandstoffen in o.a. China. Maar er is meer aan de hand, want ook zonder al deze oorzaken zou de olieprijs tussen 2000 en 2010 verdrievoudigd zijn. De Brent-olie was afgelopen jaren steeds duurder dan in 2008, het jaar dat de crisis intrad en er een recordprijs voor een vat olie werd betaald.

Onderstaande figuur 1 laat het verloop van een aantal velden in de wereld opgeteld zien, die al 'gepiekt' hebben. De productie van olie verloopt via een curve die ongeveer de vorm heeft van een berg. Dit geldt zowel voor de productie van bijvoorbeeld de USA als het totaal van alle velden.

Figuur 1a. Peakoil


De top van die berg wordt ook wel peakoil genoemd. Hoewel niemand precies weet wanneer deze piek wordt bereikt, lijkt het erop dat deze niet ver weg is. De stichting Peakoil Nederland, de Nederlandse tak van een aantal internationale organisaties die de ontwikkelingen van de olieproductie in de gaten houden (ASPO), verwacht dat de daling tussen 2012 en 2017 begint. 

Het Energy Information Administration (EIA) van de Verenigde Staten is een agentschap dat verantwoordelijk is voor het verzamelen, analyseren en verspreiden van informatie over energie.Uit onderstaande figuur van het EIA wordt duidelijk dat de groei van de olie productie geheel is te danken aan de moeilijk winbare schalie-olie:

Figuur 1b Afhankelijkheid van schalie-olie

En in deze figuur zijn de moeilijk winbare teerzanden overigens niet apart opgenomen. Het winnen van deze teerzanden kost veel energie en zorgt dus ook voor veel broeikasgasemissie.
Onderstaand figuur 2 geeft aan welke productie er verwacht wordt de komende jaren.


Figuur 2. Verloop van de olieproductie volgens het EIA.

 Bron: EIA 2009

Het Rijk gaat uit van de voorspellingen van het International Energy Agency (IEA). Het IEA hanteert een vergelijkbare grafiek als hierboven en gaat ervan uit dat de unidentified projects worden uitgevoerd en dat de productie tot na 2030 zal blijven stijgen. Onbekend is echter of en hoe deze projecten worden uitgevoerd:

De cijfers over de omvang van de olievoorraden zijn alleen bij de producenten bekend en als ze al worden getoond, kunnen er grote vraagtekens bij worden gezet. Zo komt het voor dat de omvang van voorraden zonder opgave van reden opeens wordt vergroot. Of er worden statistieken gepubliceerd waarin de voorraad geen afname vertoont, terwijl er jaarlijks toch flink wat olie verdwijnt. De meeste deskundigen zijn het erover eens dat het aanbod van aardolie zal gaan afnemen. Ze verschillen alleen van mening over de vraag wanneer dat zal zijn. De tijd van goedkope olie (easy oil) is voorbij:
  • De groeiende hoeveelheid aardgas als bijproduct bij de winning van aardolie lijkt een geologisch bewijs voor de uitputting van de olievelden. 
  • De productie van het grootste olieveld in het grootste olieproducerende land vertoont een dalende trend. 
  • Volgens het International Energy Agency (IEA) piekte de productie van conventionele olie in 2006. In haar "World Energy Outlook 2013" stelt het IEA:

    Based on analysis of more than 1 600 fields, we estimate the observed decline rate for conventional fields that have passed their peak is around 6% per year.

De productie van olie kan sinds 2005 de vraag naar olie niet meer bijhouden. Deze verschuiving van een elastische naar een inelastische olieprijs wordt ook wel ‘Phase Shift’genoemd en is duidelijk te zien in figuur 3
Ook bij hoge olieprijzen neemt anders dan vroeger de productie van conventionele aardolie niet meer toe.
Er wordt steeds minder nieuwe olie ontdekt om dalende productie van de oude bronnen op te vangen (zie figuur 4).

Figuur 3. Phase Shift: de productie van olie stijgt niet meer met de toename van de vraag

  Bron: James Murray en David King, Nature vol. 481, 2012
Hoewel de olie nog lang niet op is, wordt deze in snel tempo schaarser. Dit geldt vooral voor makkelijk winbare olie. Al sinds 2002 neemt de productie van makkelijk winbare conventionele olie niet toe. In 2013 daalt de productie van conventionele olie met 5 tot 8 %. De conventionele olie spoot enkele decennia geleden vanzelf uit de grond. Nu de velden een stuk leger zijn, wordt de olie eruit gepompt (denk aan de zogenaamde 'jaknikkers'). Dat de olieproductie toch nog toeneemt komt door de productie van onconventionele olie.

Onconventionele olie is nog veel lastiger te winnen. Dit zijn bijvoorbeeld de teerzanden, schalieolie of de olie uit de diepzeebodem. Deze olie is moeilijk te winnen en dus kostbaar. Het produceren van onconventionele olie kost veel meer energie dan de winning van conventionele aardolie. De schattingen lopen uiteen van 1,2 tot 2 keer zo veel energie. En naar gelang de winning meer energie kost is ook de uitstoot van CO2 groter en de olie duurder. Doordat onconventionele olie meer energie kost, stijgt de well to wheel emissie (van bron tot uitlaat) van CO2 door voertuigen zonder dat het aantal of verbruik van de voertuigen verandert.

Figuur 4. De ontwikkeling van het aantal nieuw ontdekte vaten olie




Na de halvering van de olieprijs in 2014 is het de vraag of en hoe lang de productie blijft groeien. In een analyse van de Peak Oil theorie komt Raul Ilargi Meijer in juli 2016 tot de volgende conclusie:
  • Gedurende 8 jaar van hoge olieprijzen (meer dan 100 dollar per vat) groeide de olieproductie in maar een beperkt aantal olieproducerende landen en bleef in de meeste gelijk of daalde zelfs.
  • Wellicht dat de olieproductie niet stijl naar beneden zal gaan, maar dat deze niet echt meer omhoog zal gaan als binnenkort de prijs weer teruggaat naar 100 dollar per vat (wat zeker gaat gebeuren)
  • Sinds juli 2015 was er een daling van 2 procent. Deze daling zal waarschijnlijk komende 2 jaar doorzetten. Het is onmogelijk te voorspellen wat er daarna zal gebeuren gezien de politieke en economische instabiliteit van de wereld op dit moment:


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen